In mijn praktijk zie ik vaak dat mensen gevangen zitten in hun hoofd. Gevangen in hun gedachten, hun pijn, hun worsteling. Dan is het mijn taak om in rust en met geduld aan te sluiten bij de ander. Om verbinding te maken en de regie bij de ander te laten. Juist het houden – of oppakken- van regie maakt dat de ander zichzelf verantwoordelijk houdt. Zo kan hij of zij keuzes maken. Hij of zij weet uiteindelijk zelf het best wat goed is voor hem of haar.
En soms jeuken mijn handen, ligt het advies op het puntje van mijn tong, denk ik te weten wat goed is voor de ander.
Wanneer ik dat bemerk hou ik mijzelf voor: ieder gaat zijn eigen weg. Het is aan mij, in beide situaties, daar ruimte aan te geven. Dichtbij én op gepaste afstand. Dan gebeuren er mooie dingen.

